Is onze gezondheidszorg toegankelijk?

geplaatst op maandag 23 december 2013

Iedereen heeft recht op goede en betaalbare gezondheidszorgen. Uit onderzoek blijkt echter dat sommige mensen de weg naar de gezondheidszorg niet vinden en dit ondanks het bestaan van de derde betalersregeling en de inspanningen van vele sociaal ingestelde artsen. De voorbije weken was in de pers heel wat te doen over de rol die een wijkgezondheidscentrum in deze problematiek zou kunnen spelen.

Dat niet iedereen vlot toegang heeft tot de gezondheidszorg, blijkt ook uit een bevraging die werd georganiseerd door het OCMW bij 132 mensen die in armoede leven.

- 30% van de bevraagden stelt dat zij bezoek aan de huisarts uitstellen om financiële redenen.

- 51% van de bevraagden stelt dat zij bezoek aan de tandarts uitstellen om financiële redenen.

- 35% van de bevraagde stelt dat zij aankoop van medicatie uitstellen om financiële redenen.

Vanuit gelijkaardige vaststellingen diende Uze Plekke, een Vereniging waar Armen het Woord Nemen, vorig jaar bij het Brugse Stedenfonds een aanvraag in voor de oprichting van een Brugs Wijkgezondheidscentrum.

Zo’n wijkgezondheidscentrum werkt volgens het forfaitair systeem, wat betekent dat het centrum voor elke aangesloten patiënt een forfaitair bedrag ontvangt van het RIZIV en dat de patiënt zelf niet meer hoeft te betalen.

Kenmerkend voor een wijkgezondheidscentrum is ook de interdisciplinariteit. Een wijkgezondheidscentrum heeft als minimuminvulling een huisarts, een verpleegkundige en een derde discipline die of een bijkomende RIZIV-discipline op de eerste lijn is, of gezondheidspromotie of maatschappelijk werk.

In hun beleidsnota’s verklaarden zowel Stad als OCMW zich akkoord om de oprichting van een wijkgezondheidscentrum in de Brugse context te onderzoeken. Dit onderzoek, gevoerd door het OCMW, werd al snel uitgebreid tot een onderzoek naar de toegankelijkheid van gezondheidszorg.

Dit onderzoek wees uit dat er zich ook in Brugge daadwerkelijk problemen stellen inzake toegankelijkheid van gezondheidszorgen. Momenteel zijn stad en OCMW in overleg met diverse instanties zoals de huisartsenkring HABO, de verenigingen waar armen het woord nemen en de mutualiteiten om te onderzoeken welke initiatieven genomen kunnen worden. Daarbij worden verschillende pistes onderzocht zoals een prefinanciering van tandheelkundige zorgen, de ondersteuning van een vzw die een wijkgezondheidscentrum opricht en een campagne rond de derde betalersregeling.

plaats een reactie bekijk reacties
mail print
tweet
Naam Email
Surname
 
Bericht
 
 

Van de Velde Dirk

Patiënten met een Verhoogde Tegemoetkoming (VT)hebben GEEN financiële drempel bij de normale huisarts. Ze betalen max 1 euro remgeld.
De echte kost zit in de aankoop van medicatie!

Een wijkgezondheidscentrum (WGC) geeft geen voordeel, want:

- bijna geen remgeldverschil (0 tot 5 euro/jaar)
- huisartsen van WGC's doen minder dan 1 huisbezoek per dag;
- WGC's zien geen senioren (4% van hun patiënten is ouder dan 64 jaar, terwijl een kwart van de bevolking gepensioneerd is!!!)

- WGC's werken slecht samen met kinesitherapeuten en thuisverpleegkundigen. Normale huisartsen werken met alle verpleegkundigen en kiné's zodat ELKE patiënt, door vrije keuze, de beste zorg krijgt, ook aan huis. In een WGC is er geen vrije keuze.
- een voltijds huisarts in een WGC werkt tijdens de kantooruren en ziet minder dan 700 patiënten!hij verdient per patiënt 30% meer per patiënt dan een andere huisarts...

Gewone huisartsen werken met alle sociale diensten in de stad, of niet soms?...

Besluit: In het Meetjesland en Roeselare heeft men de Wijkgezondheidscentra gewikt en te licht bevonden... Alleen in Gent steunt men om puur politieke redenen deze forfaitaire geneeskunde. Geen enkele ernstige wetenschappelijke studie toont dat WGC's voordelen bieden. WGC's zijn duurder voor het Riziv, betalen geen belastingen en ze smeken overal om extra subsidies.

Een objectieve vergelijking ( die u werd toegestuurd) tussen normale huisartsen en WGC's toonde dat de normale huisarts deze vergelijking wint met duidelijke forfaitcijfers.
Aan het beleid dus om in het belang van de patiënt de juiste keuze te maken!

geplaatst op woensdag 02 juli 2014 om 09:53

archief: